ik ga op tour en neem mee 2014
Aangezien
ik even geen shows te makken heb, ga ik het even hebben over het
leven in de tourbus, en dan vooral dingetjes die veel mensen vergeten
mee te nemen en daar vervolgens enorm veel spijt van hebben. Daarom :
“Ik ga op tour en neem mee”.
Met
stip op 1 : Slippers! Naast bescherming tegen de gore lange haren in
het doucheputje, hebben deze dingen nog een ander nut. Ze beschermen
je tegen het fenomeen pisvoet in het bus toilet. Stel je even voor
dat er in de bus een feestje gaande is waarin de alcohol rijkelijk
vloeit, en er nog zo'n 1000 km moet worden afgelegd. Buiten is het
enorm pokkeweer, dus de schoenen zijn uit om het binnen zo schoon
mogelijk te houden. Er is redelijke tijdsdruk om op tijd op de
volgende plek te arriveren voor het concert. Net zoveel druk alsop de
blaas van de passagiers. Er wordt niet gestopt voor iedere
“boodschap”. Dit kan af en toe redelijk tricky zijn, vooral in de
oostbloklanden waar de wegen alles behalve “westers” zijn.
Aangezien de gemiddelde tourende man zichzelf veel te stoer vindt om
te gaan zitten op de plee in de tourbus, en al geen idee heeft waar
een wc-bril voor is, is het voor dames een redelijke opgave om het
hele ritueel zonder kokhalzen te doorstaan. Probeer maar eens in de
ski houding boven een klotsende pot te hangen terwijl de bus door een
gat in de weg rijdt. Uit den boze? Een “number 2” doen op het bus
toilet. Voor degenen die het echt niet kunnen ophouden is er de “hot
bag”. Oftewel een plastic zak die je in de rijdende dixi hangt,
voldrukt, en vervolgens discreet op het eerstvolgende tankstation
dumpt. Ja. Dit gebeurt echt. Ow, ik wijk van het onderwerp af! Op
naar de volgende onmisbare objecten : HEEL VEEL ondergoed! Soms zijn
wasmachines nou eenmaal niet in de buurt, en duurt het heel lang
voordat je de tijd hebt gevonden (en de locatie) om een wasje te
draaien. Sommige zalen in Europa staan bekend om de wasmachine die ze
hebben. Op de dagen dat de shows in deze zalen plaatsvinden is er
ineens heel veel “suspicious behavior” en staat iedereen op het
moment dat de bus de hoek om komt rijden in de startblokken met de
overvolle waszak om als eerste bij de wasmachine te arriveren.
Complotjes worden gesmeed (zullen wij samen onze shirtjes wassen?),
en als je de timer op de machine niet in de gaten houdt, wordt er
lekker asociaal voorgedrongen. O ja. De artiest heeft voorrang. Tel
uit je winst. Handig dus om net dat onderbroekie extra te hebben.
Babydoekjes.
Niet alleen voor de billetjes, maar ook om de makeup van de smoeltjes
te poetsen . Corpse paint is straf spul. Ook weet je nooit of de
douche in de concertzaal werkt of dat er genoeg tijd zal zijn om te
douchen na de show. Lekker op z'n frans (jak).
Instant
noodles, pindakaas, curry en sambal. Soms is er na de show niks meer
te eten. Of zijn er alleen maar saaie broodjes kaas. Gelukkig staat
er in de meeste keukentjes in tourbussen tegenwoordig een tosti ijzer
en een waterkoker (tot frustratie van de chauffeur, want de
stroomvoorziening trekt dat niet altijd even goed). Soms vergeet je
de dag voor een vrije dag te “hamsteren” bij de zaal, en als je
dan wakker wordt ergens in the middle of nowhere, is er alleen nog
pizza van eergisteren. Lang leve je secret stash. Je moet wel een
olifantenhuid hebben als je dit doet trouwens, want de jaloerse en
hongerige blikken die je vangt zijn zeer venijnig. Voorbereiding is
alles.
Oordopjes.
De muzikant in de gemiddelde ameriaanse band is vaak enigszins
corpulent, met als gevolg dat er een waar snurkorkest plaatsvindt
iedere nacht. Meestal ben je op het einde van de dag redelijk bekaf,
en slaap je als een roosje, maar soms zijn deze dingen toch echt
verrekte hendig.
En last but not least. Vergeet je tandenborstel en gaffa tape niet! \m/
Comments
Post a Comment